logo_Ede

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Dit artikel is een weergave van pagina 3 van de jubileumkrant die op 25 januari 1999 is verschenen t.g.v. het 75-jarig bestaan van de vereniging Oud-Ede.

De vereniging Oud Ede 75 jaar jong.

Op initiatief van de heer P. Sibbles, aanvankelijk onderwijzer en later boekhandelaar in Ede, wordt op 10 september 1924 de Vereniging Oud Ede opgericht.

Maakte de heer Sibbles zich zorgen dat het verleden van Ede vergeten zou worden? Het doel van de vereniging was en is tot op de dag van vandaag 'Het onderzoek van archieven en gedrukte bescheiden naar alles wat betrekking heeft op het ontstaan en de geschiedenis van de dorpen (kerken en buurten) van het ambt en de gemeente Ede en het verzamelen en bewaren van alles wat van belang kan worden geacht voor en betrekking heeft op de geschiedenis van Ede'.

De nieuwe vereniging ging in 1924 voortvarend van start. Een paar maanden na de oprichting worden foto's bekeken en in de notulen staat 'O.a. wordt bezichtigd een fraaie collectie foto's, van ongeveer 40 jaar geleden van 't dorp Ede. Dikwijls werd met moeite de plaatsen nog herkend, zooveel is er veranderd en aan het verkeer geofferd'. Ook toen al!

Voorzitter wordt notaris W.F.J. Fischer en dat zal hij tot zijn dood in 1946 blijven. Secretaris is de heer Sibbles. De overige leden zijn de heren H.J. Bellen, kapitein bij het leger; H. Staf, rentmeester van Kernhem; C.W. van Kooten; J.A. Eijgenraam en A. van de Craats.

De club

Deze zeven erudiete heren zijn de enige leden van de vereniging Oud Ede. Men kan niet zomaar lid worden. In de eerste jaren na de oprichting hebben een paar mensen dit geprobeerd, maar ze werden gewogen en te licht bevonden. Ook is het voorgekomen dat een aangenomen lid na enige tijd geroyeerd werd, omdat zijn prestaties beneden de verwachting bleven. Men kon wel 'contribuerend lid' worden. De heren komen maandelijks bijeen. Men zoekt een interessant onderwerp, dat zeer serieus wordt onderzocht en op de bijeenkomst van 'de club' wordt daarover 'een lezing' gehouden.

Het eerste jaar worden zo'n twintig onderwerpen van zeer uiteenlopende aard bestudeerd en besproken. Later zullen deze studies terug te vinden zijn in het eerste gepubliceerde boek. Maar de heren houden zich niet alleen bezig met kamergeleerdheid. Direct het eerste jaar voeren ze al actie tegen de uitbreidingsplannennen van de gemeente Ede. Op de in 1924 door de gemeente getekende kaart is te zien dat het in het voornemen lag om op het terrein, dat wij nu de Trapakkers noemen, huizen te bouwen. Een servituut op die gronden kon bebouwing voorkomen. Om zo'n servituut te bekostigen, was f 8.000,- nodig. In het eerste jaarverslag 1924-1925 wordt uitvoerig verslag gedaan. Hierbij de letterlijke tekst:

De zaak Panorama Paasberg

Het fraaie Panorama van den Paasberg af over de Geldersche Vallei naar het Westen en naar het Noorden, moet beschouwd worden als een der kostbaarste erfstukken van het oude Ede aan het tegenwoordige. De Buurt Ede-Veldhuizen was zich daarvan bewust, toen zij dat bergje aan de Gemeente aanbood tot een altijd blijvende wandelplaats. De waarde van den Paaschberg is echter niet gelegen in 't boschje dat er groeit, maar in zijn hoogte, die oorzaak is van het bijzonder fraaie panorama. Dit werd bedreigd, doordat het terrein grenzende aan den Paaschberg, met huizen zou worden bebouwd.

Naast de Vereeniging Plaatselijk Belang en Vreemdelingenverkeer richtte 'Oud Ede' een advies aan den Raad der Gemeente. De Raad besloot voor het behoud van 't panorama (waarvoor f 8.000,- werd gevraagd) een som van hoogstens f 6.000.- te geven, wanneer particulieren minstens f 2.000,- zouden bijdragen.

Was het de Voorzitter geweest die voorstelde een adres tot den Raad te richten, het was weder de Voorzitter, die doorzette dat 'Oud Ede' zelfstandig trachten zou gelden bijeen te brengen. Hoe goed dat was gezien, bleek in de vergadering van 18 Augustus 1925, toen onze vereniging, grootendeels door de actie van den Voorzitter, reeds een bedrag van f 857,50 toegezegd kreeg, dat later steeg tot f 882,50.

De actie is geslaagd, want nog altijd heeft men vanaf de VVV bank in de Bergstraat een mooi gezicht op het dorp.

Museum

In de eerste jaren na de oprichting ontvangt de vereniging vele waardevolle schenkingen, onder meer het meer het wapen van Ede in zilver en een pastelportret van Anna Maria Moens en haar poëzie-album. Al deze schenkingen staan permanent tentoongesteld in het Historisch Museum Ede.

Aanvankelijk worden aanwinsten opgeborgen in een kluis van notaris Fischer. Maar daar komt snel verandering in, want in de notulen van 19 oktober 1926 staat 'Goedgevonden dat de voorwerpen behoorende aan Oud Ede en in bewaring bij den heer Fischer, geplaatst zullen worden in een kast, staande in de wachtkamer van het Spaarbankgebouw te Ede'. Het
Spaarbankgebouw staat nog steeds in de Notaris Fischerstraat nummer 16.

In 1937 wordt na lange beraadslagingen het boerderijtje van de familie Hendriksen aan de Driehoek voor f 500.- gekocht. Na een grondige opknapbeurt wordt hier op 1 juni 1938 het Museum Oud Ede geopend in tegenwoordigheid van den Heer Burgemeester Burgemeester van Ede Mr. Dr. C.O.Ph. Baron Creutz, den Wethouder der Gemeente Ede den Heer H.W.P. Bonte en eenige andere genoodigden. Het boerderijtje of 'het huisje' zoals het vaak genoemd wordt. blijkt een voortdurende bron van zorg te zijn. Het vergt veel onderhoud en 'het toezicht' is moeilijk te regelen.

In de oorlog 1940-1945 moeten de koperen voorwerpen ingeleverd worden bij de Duitsers. In het laatste oorlogsjaar wordt het bewoond door evacués uit de omgeving en na de oorlog wordt het gevorderd als woonruimte. Veel voorwerpen verdwijnen spoorloos. De situatie wordt pas beter als in 1975 het voormalige station Ede-Centrum als museum in gebruik wordt genomen. Hier is nu het Historisch Museum Ede gevestigd, dat dagelijks, behalve op maandag, te bezoeken is op Museumplein 7.

Geschiedenis

Maar nu terug naar de eerste jaren van de vereniging. De meeste aandacht gaat uit naar het te boek stellen van de geschieden is van Ede. Wij moeten bewondering hebben voor de taaie werklust en de speurzin van de zeven heren. Geen kopieerapparaat, geen eigen vervoer en de meesten geen telefoon. Vaak staat in de notulen dat de, ongetwijfeld met de hand geschreven, stukken zullen circuleren. Veel moeilijkheden van financiele en economische aard moeten overwonnen worden. Maar eindelijk is het eerste boek voltooid. Tijdens een plechtige vergadering op 7 maart 1933 worden de eerste exemplaren door de heren ter hand genomen. De heer Sibbles krijgt 'een fraai gebonden exemplaar' vanwege zijn vele werk. 'Alle leden verrijzen van hun zitplaatsen' tijdens dit gedenkwaardlge moment De ondertitel van dit eerste deel luidt 'Het kerspel Ede'.

In 1939 verschijnt het tweede deel met als ondertitel: 'Het ambt en de gemeente Ede'. Na de oorlog ziet in 1948 deel drie het licht met als ondertitel: 'Kerkdorpen en buurschappen'. In 1980 heeft de Vereniging Oud Ede de drie boeken în facsimilé in één band laten herdrukken.

Onschatbare waarde

De opzet van de boeken zou men kunnen omschrijven als gerangschikte losse opstellen, geschreven door verschillende personen. Het bronnenonderzoek wordt niet exact aangegeven, maar slechts globaal in de inleiding. Dat is jammer, want daardoor is van soms interessante gegevens de bron moeilijk te achterhalen. Maar het boek 'Geschiedenis van Ede' is van onschatbare waarde voor iedereen die het verleden van Ede wil bestuderen.

Wij mogen de pioniers van de Vereniging Oud Ede dankbaar zijn dat zij met vlijt en doorzettingsvermogen de drie boeken tot stand gebracht hebben. En met plezier. want herhaaldelijk worden de notulen besloten met: 'De avond werd voorts doorgebracht in aangenaam discours', of woorden van gelijke strekking.

Alle gegevens komen uit de archiefstukken van de Vereniging Oud Ede.